Het is een beetje mosterd na de maaltijd natuurlijk, want inmiddels weet iedereen dat ik de vierde dag van de vierdaagse ook heb overleefd. Maar het is wel zo leuk om nog even de details te geven.
Gistermorgen was ik eigenlijk nog steeds doodsbang, net als de avond na de derde tocht. Ik wist dat mijn voeten na die derde dag gigantisch veel schade hadden opgelopen, in de vorm van blaren en verstopte schaafwondjes tussen mijn tenen. Bovendien waren mijn sportschoenen nog zo zeiknat van die regenbui dat ik al vreesde dat die echt niet droog zouden zijn. Dus moest ik die verschrikkelijke wandelschoenen weer aan.
Toen ik begon met lopen wist ik al dat het een zware dag zou worden. Mijn moeder had gezegd dat ze vorig jaar vond dat de laatste dag heel vlot ging, dus daar hoopte ik op. Niets bleek minder waar. Om half 8, een uur nadat we waren vertrokken, nam ik al mijn eerste Ibuprofen. Mijn tante ook, dat was aan de ene kant fijn maar aan de andere kant ook weer heel confronterend. Het is zwaar. De eerste twintig kilometer gingen redelijk vlot, mede dankzij het roze pilletje, maar daarna werd het slopend. Ik had me voorgenomen om zo lang mogelijk te wachten met die tweede Ibu, zodat ik goed van de Via Gladiola kon genieten, maar het wachten was moeilijker dan ik dacht! Kilometers dijk en dorpjes, gelukkig zonder al te veel regen maar wel met de blaren die ik waarschijnlijk ook niet goed heb behandeld. Die laatste avond was het een beetje ieder voor zich, mijn moeder en tante waren hun spullen aan het inpakken en ik kreeg een paniekaanval toen ik mijn voeten eens grondig bestudeerde. Wat moest ik hier in vredesnaam aan doen? Ik plakte blarenpleisters, trok ze er even later weer vanaf, prikte weer iets door, probeerde mijn teennagels te redden en om negen uur besloot ik naar bed te gaan om hopelijk pijnvrij weer wakker te worden.
Na het dorpje Linden, waar ik voor het laatst iets gegeten had, werd het lastiger. De Ibuprofen raakte al bijna uitgewerkt en het werd steeds verleidelijker om op een stoel of in het gras te ploffen. Zelfs met de wetenschap dat je niet meer zou kunnen opstaan als je het deed. Elk bezoekje aan de toiletten greep ik aan om even rust te pakken en te kunnen zitten, zodat je tenminste weer even een half uurtje verder kon lopen. Weer heb ik mijn moeders hand vastgehouden en half lopen janken op momenten dat het echt zwaar werd, want op een gegeven moment was ik zó bang dat ik er gewoon nooit zou komen! Ik was bang dat ik zo ontzettend kapot zou zijn dat ik om de 5 minuten een rust nodig zou hebben, en tsja dan kom je er nooit natuurlijk. Maargoed, toen we nog ongeveer 11 kilometer moesten heb ik een tweede pilletje gehad en toen zijn we doorgestampt richting Via Gladiola.
En hoewel het gejuich en ge-highfive mij niet voor de volle 100% naar de finish droeg, moet ik zeggen dat het wel beter ging toen we de Via Gladiola opliepen. Ik zong weer mee met de muziek en de legerliedjes (heerlijk!) en genoot van de schouderklopjes die ik kreeg van mensen die ik niet kende. Ergens halverwege ging ik door mijn enkel, dus moest ik even naar de kant om flink te vloeken. Toen kreeg ik van een jongen (jaar of 14,15) een gladiooltje in mijn handen geduwd, dat was wel erg lief. Op zo'n moment vergeet je het dan toch weer even. Niet veel later begon het te regenen, en niet zo'n beetje ook!! En natuurlijk had ik toen net de poncho weer weggegooid, haha!! Zul je altijd zien. Maar ja die regen maakt dan ook niet meer uit, mensen gaan juist harder klappen en juichen dus tsja!
Ik wist dat Marieke en Roos naar de intocht zouden komen, dus vanaf het begin van de Via Gladiola was ik al de linkerkant aan het afspeuren naar bekende gezichten. Het duurde maar en het duurde maar, en hoe langer het duurde hoe zwakker en pijnlijker mijn lichaam werd. Tot het moment dat ik een glimp opving van Roos, die langs de kant stond met haar haren tegen haar gezicht geplakt. Ze hadden geen paraplu of poncho mee, bleek wel. Dat was eigenlijk het moment waarop ik iedereen opzij heb geduwd en ben gaan juichen en rennen. Ik was zó ontzettend blij om weer vriendinnen te zien, dat ik al mijn pijn vergat en wel kon janken! Van vreugde, dit keer.
Na lekker gekletst te hebben en mijn kruisje te hebben opgehaald, was het tijd om terug te gaan naar het hotel. Daar stonden de spullen nog, die we mee moesten slepen naar het station voor de drukke trein terug naar Deventer. We hebben toen maar een taxi gebeld, want de sponsor van de Vierdaagse, Electrabel, zei het al: Loop met de Vierdaagse geen meter teveel!
En zo is het. Het was een hele bijzondere en grootse ervaring, en ik ben heel trots op mezelf, maar volgend jaar ga ik weer lekker wat anders spannends doen.
Parachutespringen of zo!
Saturday, July 25, 2009
Subscribe to:
Post Comments (Atom)
Dapper dat je de tocht hebt gelopen op sportschoenen. Ik zou dat niet doen, omdat mijn enkels dan na 5 km al niet meer willen meewerken.
ReplyDeleteHeb diep respect voor je! Het is echt afzien, jouw verhalen bewijzen dat maar weer.